| Vrijheid
van godsdienst en levensbeschouwing
Godsdienst en levensbeschouwing staan centraal in het leven
van miljarden mensen over de gehele wereld. Soms strijden mensen
zelfs om hun godsdienst of levensovertuiging te beschermen tegen
hen die anders denken of willen en niet zelden gaan zulke conflicten
samen met politieke strijd. De media is er vol van; sla de kranten
maar eens op na. 'De vrijheid van godsdienst staat in Griekenland
behoorlijk onder druk. Het zogeheten 'anti-ketterij-beleid'
van de Grieks-orthodoxe kerk maakt het leven van evangelische
christenen moeilijk', heeft op teletekst van zaterdag 13 januari
2001 gestaan. Ondertussen is op 5 december van het jaar 2000
in Den Haag een conferentie gehouden onder de titel: 'Godsdienstvrijheid,
een kostbaar mensenrecht'. Vrijheid van godsdienst en levensbeschouwing
moet gebaseerd zijn op respect voor de waardigheid en mensenrechten
van iedereen, ongeacht zijn of haar levensbeschouwing of geloof,
lees je in de conferentie folder.
Staan dan zending en proselitisme niet op gespannen voet met
vrijheid van godsdienst en levensbeschouwing, vraag je je dan
af. Of wordt godsdienstvrijheid zo begrepen dat je de vrijheid
hebt om anderen naar je eigen geloof over te halen en de middelen
die je daarvoor gebruikt eigenlijk er niet aan toe doen; want
het doel heiligt de middelen. Om op deze vragen in te kunnen
gaan, dienen we eerst naar een andere vraag te kijken, n.l.:
kunnen we 'godsdienstige feiten' (beweringen) echt voor feiten
aanzien? Indien ja, welk feit uit welke godsdienst of levensovertuiging
is dan wel of geen feit in de ware zin van het woord; en indien
nee, waarom dan al de moeite om anderen van je eigen gelijk
te overtuigen; de ander heeft toch al een godsdienst of een
levensovertuiging? Een feit is dat wat werkelijk is of heeft
plaatsgehad; een daad of een gebeurtenis waarvan de werkelijkheid
- en daarmee ook de waarheid - vaststaat. 'Godsdienstige feiten'
zijn derhalve geen feiten in de strikte zin van het woord.
volgende
pagina
|